26 februari, 2008 bij 12:21 am (dagdagelijkse beslommeringen, takken)
Tags: boem, takken
Ik kreeg een stokje toegeworpen. Dat doet er me aan denken dat je die dingen dient door te werpen.
Welk voorwerp neem je mee als je huis brandt? Hoe sentimenteel mijn uitleg ook zo kunnen zijn, ik hou het liever praktisch. Enige tijd geleden was de vraag echt aan de orde (genre weg moeten uit huis, er écht van overtuigd zijn dat het boeltje ging opbranden, uren niet terug naar huis mogen -wat op zich niet het ergste was maar dat de brandweer niet kon zeggen of je wél thuis ging mogen slapen die avond was wel erg, en praktisch een heus probleem).
Neem ik dus mee: kleren en schoenen (pyjama en blote voeten om zes uur s avonds is écht slécht, i know), tabak, geld en gsm. En eventueel iets om naar de brandweer te gooien.
Zelfs als ik het sentimenteel bekijk zou ik het ook niet direct weten. In alle eerlijkheid ben ik niet zo gehecht aan spullen. Mijn eerste idee was dan ook “fuck, mijn thesis” maar die staat al op diverse plekken op tinternet bij nader inzien, dat spreekt.
Verdere keuzes zouden zijn mijn teddybeer van toen ik een kindje (ik slaap niet meer met een teddybeer, neen, maar was daar behoorlijk gehecht aan vroeger, wegens een beetje van een vuurfobie als kind, want ook bij het ouderlijk huis gingen de buren in de vlammen op, en lang lang geleden, zat ik eens in een brand), foto’s van dode mensen maar ik ken -gelukkig- niet al te veel dode mensen, of de collectie postkaartjes die ik recent gevonden heb daterend van begin de vorige eeuw. Het betreft een briefwisseling tussen mijn overgrootvader en zijn buren (met wie hij blijkbaar goede vrienden was) en de huizen in kwestie, kan ik zien vanuit mijn living, best freaky dus.
Maar in alle eerlijkheid, geen emostuff maar praktische zaken zoals geld, gsm, papieren.
Nu wat betreft het stokje doorgooien probeer ik eens wat anders, vermits ik eigenlijk niemand ken met een blog en wel eens wil zien of de plebs mijn blog lezen: isabelle (die ter redding kwam met warme kleren en de subtiele opmerking maakte dat ik twee weken niet meer ging moeten stoken), sara van het unief (is thesis ook jouw grote zorg? moest die al bestaan that is
) en stephanie (omdat die nu een huis heeft maar geen spullen -denk omgekeerde richting-). Knock yourself out in the comments.
7 Reacties
24 december, 2007 bij 3:23 am (dagdagelijkse beslommeringen, gent, pief poef paf)
Tags: boem, gent
Mag dat trouwens, online een inboedelverzekering proberen registreren twee uur nadat een huis naast je brandde?
Laat een reactie achter
24 december, 2007 bij 3:14 am (dagdagelijkse beslommeringen, gent)
Tags: boem, gent, whiskey
Je kon het al lezen hier. Het brandde in de kongostraat. Meteen de première van het huisje op het wijde web.
Het was een helse ervaring: ik hoorde iets knetteren en deed het gordijn open op de vierde verdieping. Zo vlammen zien voor je ruit is niet echt een leuk gevoel. In ware commandostijl spurtte ik naar beneden, het gezelschap meesleurend. Zo werd ook mijn goed bewaard geheim onthuld: als ik een dagje niet uit het huis moet, geniet ik er best van om een dag in pyama rond te lopen. Resultaat: -3 graden en ik sta in mijn kousen op het straat.
De brandweer riep dat we moesten weggaan. Gelukkig riepen de overburen ons binnen. Tien minuten lang was ik overtuigd dat al mijn gerief in de vlammen zou opgaan, maar na een tijdje kalmeerde het vuur enigszins. De kleutertjes van de overburen hebben nu tenminste een gekleurd basisvocabulaire qua vloeken. Ik leende kleren en schoenen van de overbuur en belde versterking voor een deftige broek. Toen ik buitenkwam uit het huis van de overburen, riep er direct een flik dat we weg moesten uit de straat. Weer vijf minuten paniek over de eventuele vernietiging van mijn miskende meesterwerk, de thesis. De brandweer was er ook van overtuigd dat er nog mensen aanwezig waren hier in het huis. Drie keer bonsden ze op de deur en ik hoorde er ééntje zeggen dat ze niet aan de deur mochten bellen wegens… ontploffingsgevaar.
Het grootste probleem was dat de brandweer niet kon zeggen wanneer we terug in onze huizen zouden mogen. Ze konden zelfs niet zeggen of het nog die nacht zou zijn. Het oorspronkelijke plan om andere oorden op te zoeken werd vlug achterwege gelaten vermits ik het wel wou weten vanaf er nieuws was. Op straat staan dus: kijkend naar de brandweer die water spuit op een dak dat alleen nog met spinnenwebben aan elkaar hangt.
Toen we eindelijk terug binnen mochten, bouwde de politie de spanning nog op met de vraag om de schade te melden. Ook een wijze les: bij een brand je gaan melden bij de politie en/of brandweer. Toen ik het huisnummer vermeldde werd er immers geschreeuwd dat ze de mevrouw van nummer XX gevonden hadden. Les nummer 2: licht uitdoen voor je naar buiten spurt.
Eind goed, al goed: buiten stank geen schade. Vier huizen beschadigd, waaronder de buurman voor 10 000 met wie een dak gedeeld wordt.
Het blijft wel vreselijk natuurlijk: twee jonge brave mensen die een huis kopen en het vervolgens verbouwen. Zelfs de gevel valt waarschijnlijk niet meer te redden. Gelukkig lijkt het alsof ze wel een goede band hebben met familie en vrienden: dus ze zullen wel een aantal opties hebben. Ze moeten me trouwens nog een carwash betalen, maar dat zal ik wel met de mantel der liefde bedekken
.
Goh ja, leuk weetje: om de hoek was er een buurtfeest bezig, met grote kampvuren en luisterend naar de lyrische naam “in de fik”.
Laat een reactie achter